Dragstrip, CuracaoOp de Noordkant van Curaçao ligt een van de ‘geheimen’ van het eiland; een attractie op een voor toeristen haast onbekende locatie: de oude dragstrip. Enkele onverharde wegen rond plantage Koral Tabak leiden naar de lap asfalt in de ‘middle-of-nowhere’. De 400 meter lange baan is elke zondag het decor van illegale dragraces en ander vermaak met voertuigen. Daarnaast fungeert de dragstrip ’s avonds als drop-off punt voor drugshandelaren en overdag is het er vooral erg verlaten. Een leuke attractie dus, voor wie van snelheid houdt.

De dragstrip staat nergens vermeld, maar is te bereiken via de plantage Koral Tabak. De doorgaande weg eindigt hier bij een roze gekleurd wachtershuisje en daalt dan nog even af om daar over te gaan in een (officiëel afgesloten) brede onverharde weg. Ter hoogte van het zwaar gehavende landhuis Koral Tabak ligt een t-splitsing waar je linksaf moet slaan. Vanaf dat moment komt de weg vanzelf uit bij de dragstrip.

De baan is in feite niet meer dan een lange lap asfalt met vangrails langs de zijkanten. Het gebruik van de dragstrip is eigenlijk altijd illegaal geweest, maar er is nooit tegenop getreden. Hoe en door wie de strip ooit aangelegd is, is dan ook een goede vraag. Wel heeft Curaçao sinds enkele jaren ook een officiële dragstrip, te weten: de International Raceway bij Ronde Klip. Deze strip is niet vrij toegankelijk en buiten de wedstrijden om ook niet te betreden.

Wagens zoals die te zien zijn in de film ‘The Fast and the Furious’ zul je nu niet snel meer tegenkomen op de oude dragstrip. Vroeger werd er wel met dergelijke auto’s gesport op de oude dragstrip en je kan je wederom afvragen hoe men dan de verlaagde wagens over de onverharde wegen naar de strip reed.

Oude dragstrip, Curacao

De dragstrip bezoeken

Overdag kan het in principe geen kwaad om de dragstrip te bezoeken, maar het is wel verstandig om dit niet alleen te doen, gezien de afgelegen ligging. ’s Avonds is de dragstrip een absolute no-go. De baan wordt regelmatig gebruikt voor drugsvluchten met kleine vliegtuigen en het is dan ook alom bekend dat de drugshandel hier flink huishoudt.

Wie niet bang is om uit de toon te vallen kan de wekelijkse dragrace bezoeken. Elke zondag wordt er van 17:30 tot ongeveer 19:00 uur gereden met alles wat wielen heeft. Als blanke toerist wordt je er zo nu en dan wel vreemd aangekeken, maar dat went vanzelf.

Bij het eerder genoemde wachtershuisje wordt een toegangsprijs van 5 gulden gevraagd. Hetgeen natuurlijk vreemd is, aangezien het hier geen privé terrein betreft. Het blijft wederom gissen waar het geld naartoe gaat.

Iedereen parkeert z’n auto langs de vangrail, of ergens op het wat hoger gelegen plateau dat een prima uitzicht over de baan biedt. Als je dan nog niet hoog genoeg zit, dan biedt het dak van de auto uitkomst.

Opvallend genoeg worden de illegale races ook bezocht door de autoriteiten, zoals de douane en de kustwacht. Die laatste nemen daarbij regelmatig een EHBO-wagen mee.

Dragrace op de oude dragstrip van Curacao

Dragraces

Tijdens de dragraces scheurt er van alles voorbij: dragmotoren (eigenhandig verlengde motoren), brommers, auto’s en quads. De motoren zijn daarbij het indrukwekkendst; op de baan worden er door hen snelheden van tegen de 250 kilometer per uur gehaald. En alsof dat nog niet genoeg is, gaan de races ook nog gepaard met de meest idiote capriolen zoals honderden meters lange wheelies met een snelheid van 150 tot 200 kilometer per uur. Bizar genoeg hebben de motorrijders nooit meer bescherming dan een helm en ook die ontbreekt nog wel eens.

Als toeschouwer vraag je je zo nu en dan af of deze Antilliaanse waaghalzen soms een doodswens hebben. Zo kwam er ook regelmatig een quad voorbij, die met iemand achterop een forse wheelie over de gehele lengte van de baan wist te maken. De ‘passagier’ hield zich daarbij gewoon vast aan de bestuurder.

Het was ook niet al te verrassend toen we te horen kregen dat er een paar weken eerder nog een ongeluk gebeurd was met een motorrijder die op volle snelheid onderuit ging tijdens het maken van een wheelie. De bestuurder was zo lang en hard over het asfalt geschoven dat zijn complete huid weggeschuurd was. Hij bleek echter zo zwaar onder invloed dat hij vrolijk weer bij iemand anders op de motor sprong en weg reed. Een mooi voorbeeld van de uitdrukking ‘de kater komt later’ dus.

Wheelie op de dragstrip

De races van de auto’s stellen niet heel veel voor, totdat er een afgetrapte auto verschijnt die geen ander doel heeft dan het kapot rijden van z’n banden. De wagen wordt al slippend over de baan gereden en mist daarbij soms maar net de vangrail en het daarop zittende publiek. Na een paar minuten heeft een van de banden het al begeven en rijdt hij op z’n velg(en) weer van de baan af.

Als Hollandse toerist moet je wel weten waar je aan begint. Tussen de toeschouwers was ook niet meer dan een handvol blanken te ontdekken. En toen ik met mijn camera naar het startpunt van de baan liep, voelde ik me voor het eerst ongewenst en onveilig. De blikken werden steeds meer op mijn camera gericht, zonder mij daar ook maar even bij aan te kijken en de blikken die ik wel kreeg waren niet al te vriendelijk. Uiteindelijk is er niets gebeurt, mede doordat ik samen met iemand op liep, maar prettig was het allerminst.

Ondanks dat was het wel weer erg leuk om mee te maken. Er blijven echter wel een hoop vragen onbeantwoord. Wie heeft de strip ooit aangelegd? Waar wordt de opbrengst voor gebruikt? Waar haalt men het geld voor de omgebouwde motoren vandaan?

Misschien is het maar beter om de antwoorden niet te weten…