De digitale fotografie kan een hoop fotografie werkzaamheden vergemakkelijken en automatiseren. In de praktijk blijkt het echter vaak juist een hoop extra problemen en arbeid met zich mee te nemen. Het gevolg is dat een hoop foto’s te lang ongebruikt blijven liggen, vergeten worden, of verkeerd bewerkt worden.

De oorzaak van deze problemen vind zijn oorsprong meestal in een slecht ingerichte (of afwezige) vaste fotografie workflow. Dit artikel beschrijft de verschillende stappen in een digitale workflow en de noodzakelijkheid van de standaardisering hierin. Het geheel wordt geïllustreerd aan de hand van mijn eigen workflow.

Veel fotografen verspillen een hoop tijd met het verwerken van de bergen foto’s die zij dagelijks maken. Dit komt vaak doordat men geen standaard methode aanhoudt bij het beheer en bewerken van de foto’s. Datzelfde probleem doet zich ook vaak voor in de opslag van fotografie: veel bestanden en foto’s zijn later onvindbaar of simpelweg verdwenen in een onsamenhangend digitaal archief.

Met het bewerken van foto’s kan vaak ook een veel beter resultaat geboekt worden wanneer de workflow altijd dezelfde is: men weet dan immers altijd wat de volgende stap zou moeten zijn. De ruime ervaring in de eigen methode zorgt ervoor dat de fotograaf ook precies weet wat vervolgens het beste of gewenste effect zal opleveren.

Alle verschillende onderdelen en stappen in de fotografie workflow zullen hier stap voor stap besproken worden. Ik doe dit ter illustratie aan de hand van mijn eigen workflow. Dit is natuurlijk slechts een voorbeeld en eenieder kan zijn workflow naar eigen wens inrichten.

Tijdens het fotograferen

Een goede en gestructureerde fotografie workflow begint al bij de opname. Hierbij moet men denken aan de volgende variabelen: het aantal opnames, het opname formaat en het opslagmedium.

Meerdere opnames

Het maken van meerdere foto’s van hetzelfde onderwerp kan later in de workflow van pas komen. Je kan dan vrij snel de beste foto kiezen, en de rest weggooien. Uiteraard is dit een standaard eigenschap van digitale fotografie, echter bedoel ik hiermee, dat het doorgaans beter is om dit selectieproces pas achteraf toe te passen, zodat men er alle tijd voor heeft. Foto’s die duidelijk niet gelukt zijn kunnen uiteraard sowieso ter plekke verwijderd worden. Overigens zijn er ook vaak foto’s waarvan men vermoedt dat ze mislukt zijn, maar welke achteraf nog wel degelijk te redden zijn.

Het maken van meerdere opnames komt vooral van pas bij fotografie onderwerpen waar men geen tijd heeft om de foto’s ter plekke te beoordelen.

Het bestandsformaat: RAW of JPEG

Een tweede aandachtspunt tijdens het fotograferen is de keuze voor het bestandsformaat. Men kan daarin vaak kiezen tussen RAW en JPEG. In het geval van JPEG wordt de foto gecomprimeerd opgeslagen, en in de camera ‘bewerkt’. Gebruik je het RAW formaat, dan wordt de foto opgeslagen, zoals deze ook op de sensor geregistreerd is (een soort digitaal negatief dus). Je houdt dan nog alle opties open bij het nabewerken, en de kwaliteit van het resultaat van bewerkingen zal ook aanzienlijk beter zijn dan wanneer je met JPEG foto’s werkt.

Voor de huis-tuin-en-keuken-foto’s is de keus voor JPEG de meest logische, aangezien hier weinig meer aan bewerkt hoeft te worden en dit dan de snelste methode zal zijn.

Wil je naderhand echter meer met de foto’s doen, dan is RAW de beste keuze. In RAW conversie programma’s kunnen de foto’s dan op vele manieren aangepast en verwerkt worden, met een zeer goede kwaliteit, en zonder verlies aan ‘informatie’. Over RAW conversie volgt verderop in dit artikel meer informatie.

De opslag van foto’s

Ook met de opslag van de foto’s moet je vooraf rekening houden. Zeker als je in RAW formaat fotografeert, zullen de geheugenkaartjes snel vol raken. Een mobiele harde schijf kan dan als handige oplossing dienen. De kaartjes kunnen dan gekopieerd worden naar de harde schijf, om vervolgens weer opnieuw in de foto camera gebruikt te worden. Een tweede voordeel van zo’n harde schijf is de backup mogelijkheid. Wanneer je bijvoorbeeld lang van huis weg bent, kan je backups van je foto’s op deze schijven bewaren. Er zijn een hoop verschillende mobiele harde schijven voor de fotografie op de markt (met ingebouwde kaartlezers). Ik gebruik hiervoor de (inmiddels een paar jaar oude) Vosonic Xs-Drive met 20 GB aan opslagruimte.

Let op het histogram

Let er tijdens het fotograferen op, dat de uiterste punten in het histogram (te bekijken op het LCD scherm van je camera) zover mogelijk naar rechts zitten, zonder dat ze helemaal tegen de rand zitten. Dit zorgt ervoor dat je later bij het bewerken zo min mogelijk ruis in de donkere delen van de foto hebt.

Overzetten van foto’s

Binnen een digitale fotografie workflow is ook de wijze waarop je je foto’s overzet van de camera of geheugenkaart naar de computer van groot belang. Een goed systeem kan een hoop tijd besparen bij het zoeken naar gemaakte foto’s of het ordenen van het bewerkingsproces. Voor mijn fotografie heb ik een groot stuk van mijn harde schijf gereserveerd voor het gehele workflow proces. Zo gebruik ik de volgende mappen in mijn bestandssysteem:

  • “Workflow”, met daarin per shoot een map met foto’s
  • “Processed”, met daarin de geëxporteerde foto’s (JPEG/TIFF)
  • “Archief”, met alle verwerkte originele bestanden in mappen

Foto's importeren in Adobe Lightroom

Het fotografie archief zal verderop in het artikel nog uitgebreid ter sprake komen.

Ik importeer de foto’s of direct vanaf mijn camera, de externe harde schijf, of een kaartlezer met behulp van Adobe Photoshop Lightroom. Ik kies er daarbij voor om de bestanden te kopiëren naar een nieuwe locatie (een map in “Workflow”) en ze meteen te hernoemen naar mijn standaard bestandsformaat. Ik laat Lightroom er bovendien de nodige Meta gegevens aan toevoegen (EXIF informatie over de foto). Een hoop van deze instellingen zijn te standaardiseren in Lightroom, zodat dit de volgende keer niet meer ingesteld hoeft te worden.

Bestandsnamen

Ik laat Adobe Photoshop Lightroom mijn foto’s tijdens het overzetten meteen hernoemen naar een bestandsnaamformaat dat ik in mijn hele archief gebruik, zoals bijvoorbeeld: “200510119244.jpg”.

De naam is als volgt opgebouwd: jaar,maand,dag,fotonr. Het betreft hier dus fotonr 9244, gemaakt op 11 oktober 2005. Mijn foto’s behouden dit bestandsformaat gedurende de gehele workflow. Variaties op de foto worden hernoemd naar ‘…_1.jpg’, of ‘…_2.jpg’, etc. In het bovenstaande voorbeeld wordt dit dus: 200510119244_1.jpg.

Het is van belang de naamgeving gedurende de gehele workflow gelijk te houden, omdat dezelfde foto anders bijvoorbeeld meerdere keren voor kan komen (inclusief slechte of halve bewerkingen) en omdat foto’s dan beter en sneller te vinden zijn.

Uiteraard is de door mij gehanteerde bestandsnaam geen richtlijn, maar slechts een indicatie van hoe het zou kunnen. Iedereen kan hier zijn eigen systeem voor aanhouden.

Het beheren en selecteren foto’s

Zodra alle foto’s geimporteerd zijn is het zaak om deze te selecteren en uit te zoeken welke foto’s wel en niet bewaard moeten blijven. In Adobe Photoshop Lightroom kan dit zeer gemakkelijk. Zo zijn alle foto’s ook als thumbnails te bekijken en selecteren en kan je elke foto afzonderlijk aanmerken als ‘pick’ of ‘reject’. Door een gehele verzameling te filteren op een van deze ‘flags’, zijn ze direct allemaal te selecteren en bijvoorbeeld te verwijderen.

Naast deze flags heeft Lightroom ook de mogelijkheid om een kleurenlabel aan een foto toe te voegen. De betekenis van deze labels kan je zelf bepalen. Ook op deze flags kan weer gefilterd worden.

Tenslotte kunnen foto’s ook een rating van 0-5 sterren krijgen, en ook op basis van deze rating kan weer gefilterd worden.

Foto's markeren met flags, ratings en kleuren in Adobe Lightroom

Lightroom biedt ook de zeer handige mogelijkheid om een selectie van foto’s tegelijkertijd te bekijken, waarna de foto’s één voor één gedeselecteerd kunnen worden. Uiteindelijk hou je zo de beste foto over als selectie.

De review modus in Adobe Lightroom

Ik ga zelf na het importeren van de foto’s als volgt te werk:

  • Alle foto’s stuk voor stuk doorlopen en de afgekeurde exemplaren direct markeren als ‘Reject’ en dit eventueel enkele malen herhalen.
  • De als ‘Reject’ gemarkeerde foto’s verwijderen.
  • De overgebleven foto’s doorlopen (m.b.v. de vergelijkingsmodus) en de mooiste foto’s markeren als ‘Prioriteit 1′ (rood) of ‘Prioriteit 2′ (oranje).
  • De met rood of oranje gemarkeerde foto’s bewerken en na bewerking markeren als ‘Gereed’ (groen) of ‘Verder aanpassen’ (blauw).
  • Foto’s die in aanmerking komen voor publicatie (o.i.d.) markeer ik als ‘Pick’.
  • Alle nog niet gemarkeerde foto’s nogmaals langslopen en eventueel markeren als ‘Reject’

Het bewerken van RAW foto’s

Voor het verwerken en bewerken van RAW bestanden zijn er verschillende software pakketten te gebruiken. De simpelste programma’s zijn degenen die bij de foto camera’s geleverd worden. Deze fotografie software heeft vaak echter niet al teveel mogelijkheden, en het is dan ook raadzaam hier een specialistisch pakket voor aan te schaffen. Een paar voorbeelden van dergelijke workflow pakketten zijn: Adobe Photoshop Lightroom, Apple Aperture en Capture One DSLR (van Phase One).

Voor wat betreft functionaliteit ontlopen beide fotografie pakketten elkaar niet zoveel. Tot 2006 genoot de software van Capture One mijn voorkeur, maar inmiddels ben ik overgestapt op het pakket van Adobe (Photoshop Lightroom). Dit heeft met name te maken met de snelheid die Lightroom te bieden heeft.

De mogelijkheden van raw conversie

In dit stadium van de digitale fotografie workflow kunnen onder andere de volgende bewerkingen uitgevoerd worden:

  • de witbalans,
  • kleur correcties en kleurverzadiging,
  • belichtingscorrecties, contrast, levels en curves,
  • de uitsnede van de foto,
  • roteren van foto’s,
  • verwijderen van vlekken en stofdeeltjes
  • verscherpen van de foto,
  • verwijderen van ruis
  • output resolutie en bestandsformaat.

Het grote voordeel van dw genoemde workflow programma’s is dat zij previews van de originele foto’s aanmaken en deze gebruiken om de bewerkingen te laten zien. De originele bestanden worden nooit gewijzigd en alle aanpassingen worden pas toegepast als er een foto wordt geëxporteerd. Dit resulteert in een zeer snelle bewerkingen en het behoudt van kwaliteit in het originele bestand.

In Lightroom is het verder ook mogelijk om een ‘virtuele kopie’ van het origineel te maken, zodat er een extra variant bewerkt kan worden.

Verder wordt er ook rekening gehouden met kleurbeheer bij de weergave van foto’s, zodat het resultaat er hetzelfde uit zal zien als in andere foto-bewerkingsprogramma’s als Adobe Photoshop en Paint Shop Pro. De genoemde programma’s zijn overigens in staat om een foto van begin tot eind te bewerken, en het eindproduct te exporteren, zonder tussenkomst van andere software.

Een ander groot voordeel van Capture One en Lightroom, is dat deze de instellingen die bij elke foto gebruikt worden onthoudt en wegschrijft in een map (Lightroom gebruikt daarvoor dezelfde map als waar de foto’s zich bevinden. Wanneer foto’s uit het fotografie archief later nogmaals geraadpleegd worden, dan worden deze instellingen direct weer op het RAW bestand toegepast. Bij het maken van backups van de fotografie collectie is het in dat geval dus ook nuttig deze bestanden mee te kopiëren.

Voor vergaande effecten en retoucheerwerkzaamheden is men nog wel aangewezen op programma’s als Adobe Photoshop of Corel Paint Shop Pro.

De develop module in Adobe Lightroom

De bewerkingsstappen

Na de eerste beheersmatige stappen die eerder genoemd zijn, ga ik met de als rood of oranje gemarkeerde foto’s aan de slag. Ik zal de diverse bewerkingen hier stap voor stap beschrijven. Let wel: het bewerken van een foto is een iteratief proces. Dit betekent dat een aanpassing niet slechts één keer wordt toegepast, maar dat alle instellingen in een paar rondes doorlopen worden, totdat het resultaat geheel naar wens is.

In Lightroom voer ik het volgende doorgaans in de genoemde volgorde uit:

  • Belichtingscorrectie: instellen witwaarde (exposure)
  • Belichtingscorrectie: instellen zwartwaarden (blacks)
  • Belichtingscorrectie: instellen helderheid en contrast
  • Belichtingscorrectie: instellen tone curves
  • Witbalans: instellen temperatuur en kleurzweem
  • Uitsnede: aanpassen beelduitsnede en rotatie
  • Kleuren: aanpassen globale verzadiging, tot voor het punt waar één of meerdere kleuren niet meer goed ogen
  • Kleuren: verder aanpassen kleurzweem, verzadiging en helderheid per kleur
  • Clone-tool: verwijderen stof en vlekken
  • Scherpte: aanpassen verscherping
  • Ruisonderdrukking: instellen van ruisonderdrukking
  • Herhalen van de eerdere stappen tot het gewenste resultaat is bereikt
  • Markeren als ‘Gereed’ (groen) of ‘Verder aanpassen’ (blauw)

Ik pas de witbalans bewust pas na de belichtingscorrectie toe, omdat de kleuren dan beter te beoordelen zijn.

De rotatie en uitsnede is de enige actie die geen vaste positie in mijn workflowschema heeft. Zo pas ik de uitsnede bij het verwerken van airshow foto’s altijd als eerste aan.

Bij het aanpassen van de kleuren zet ik eerst de globale regelaar van de verzadiging eerst helemaal naar het uiterste, om zo een idee te krijgen van de kleuren. Datzelfde doe ik naderhand ook per kleur.

Het resultaat exporteren

Bij het exporteren van foto’s is het belangrijk dat de juiste kwaliteit geselecteerd wordt. Als de foto nog in Photoshop (of een soortgelijk pakket) bewerkt gaat worden, dan kan het beste voor TIFF gekozen worden, zodat er zo min mogelijk informatie en kwaliteit verloren gaat. Voor vrijwel alle andere doeleinden volstaat het JPEG formaat.

Wanneer een foto direct op het Internet geplaatst wordt, is het belangrijk dat het kleurenprofiel sRGB meegegeven wordt. Dit is nodig om de kleuren er ook op andere computers goed uit te laten zien. sRGB is namelijk het kleurenprofiel dat in monitoren gebruikt wordt. De kleuren van de foto zijn dan dus geoptimaliseerd voor weergave op de monitor.

Een foto exporteren in Adobe photoshop Lightroom

Verdere fotobewerking

Voor verdere fotobewerking zijn er wederom twee bekende software pakketten, te weten: Adobe Photoshop en Paint Shop Pro. Ik werk zelf met Photoshop CS2, en zal om die rede enkel voorbeelden geven aan de hand van Photoshop.

Op dit punt in de digitale fotografie workflow kan er gedacht worden aan de volgende bewerkingen:

  • toevoegen effecten,
  • retouchering en trucage,
  • specialistische exportmogelijkheden.

Bij het bewerken van meerdere foto’s zullen een hoop handelingen regelmatig terugkomen. Het kan lonen deze handelingen in Photoshop in zogenaamde ‘actions’ te programmeren. Deze kunnen dan afgespeeld worden en eventueel toegepast worden op grote aantallen foto’s, zodat het proces automatisch zal verlopen.

Ik gebruik actions voor m’n fotografie bij onder andere de volgende foto bewerkingen:

  • lokale contrast verhoging,
  • zwartwit conversie,
  • sepia tonen,
  • exporteren van foto’s voor het internet.

Ik haal dan ook al mijn foto’s die op deze fotografie website moeten verschijnen door Adobe Photoshop, om ze vervolgens met actions te exporteren naar de formaten zoals ik ze gebruik op mijn webpagina. Er wordt dan meteen een originele foto in een aparte map opgeslagen. Deze foto’s zou ik op een later moment allemaal automatisch kunnen exporteren voor m’n website, mocht ik op een nieuw formaat foto of fotografie gallery overstappen.

Het is niet de bedoeling hier een volledig beeld van alle mogelijkheden van Photoshop te schetsen, dus ik zal het om die rede tot deze informatie behouden.

Archivering van fotografie

Zoals eerder vermeld maak ik ook gebruik van een map, waarin ik mijn foto archief bewaar. Ik gebruik hierin mappen die beginnen met een datum (in het formaat: 2005-10-11) gevolgd door een omschrijving van de foto’s die erin staan. Op deze manier heb ik een chronologisch, goed doorzoekbaar en duidelijk overzicht van al mijn foto’s. Binnen elke map bewaar ik de RAW of JPEG bestanden van de foto’s (samen met de Lightroom databestanden), alsmede bijzondere bewerkingsversies in JPEG of TIFF formaat. Al deze fotobestanden kan ik in Lightroom benaderen, zodat ik al mijn fotowerk direct bij de hand heb en weer opnieuw kan exporteren, mocht dat nodig zijn.

Om geen fotomateriaal te verliezen aan calamiteiten zoals een brand, systeemcrash, enz, maak ik regelmatig backups van m’n fotografie archief. Dit doe ik op verschillende media en plaatsen. Hierover kan je meer lezen in het artikel: Backups! Backups Backups!.

Dit onderdeel van de workflow kan ik niet vaak genoeg benadrukken. Het is weinig moeite om regelmatig backups van fotografie te maken, en het kan een hele hoop ellende voorkomen. Verloren foto’s kunnen voor fotografen een grote economische schadepost zijn, maar het is bovenal enorm zonde.

Ik hoop met dit artikel wat inzicht in een duidelijke fotografie workflow te hebben gegeven. Heb je zelf nog ideeën of opmerkingen voor of over dit artikel? Plaats ze dan hieronder als reactie!